Blog

NSKO 2012: Gedifferentieerde ketenaanpak op basis van loopbaanankers

Sinds 2008 brengt Hobéon samen met Markteffect en Icares jaarlijks het Nationaal Studiekeuze Onderzoek Nationaal Studiekeuze Onderzoek (NSKO) uit. Het NSKO laat zien welke keuzes jongeren maken ten aanzien van een studie in het hoger onderwijs. Dit jaar is het NSKO uitgebreid met onderliggende drijfveren voor die keuzes. Daarvoor is gebruik gemaakt van de acht zogeheten loopbaanankers van Schein. De hierop gebaseerde analyses bieden een schat aan informatie voor allen die een rol spelen in het boeien en binden van jongeren voor en in het hoger onderwijs: de instellingen zelf, het toeleverend onderwijs en de werkveldpartners.

Fingerprint

Eén onderzoeksgegeven springt er op voorhand uit: aan elke keuze voor een specifieke opleiding ligt een specifieke combinatie van deze loopbaanankers ten grondslag, een specifieke ‘fingerprint’. Dat is op zich misschien niet verrassend, maar het NSKO laat zien dat die fingerprints mogelijk nog specifieker en onderscheidender zijn, dan u en ik al dachten. De gevolgen daarvan zijn vergaand en het voert te ver om ze op deze plek in extenso te belichten. Ik licht er niettemin een paar uit.

Uitdaging

Zoals bekend, is de instroom van vwo’ers in het hbo al jaren dalend en beperkt van omvang. Diverse hogescholen hebben de ambitie om de komende jaren meer vwo’ers te werven. Het is belangrijk dat deze hogescholen zich realiseren dat deze doelgroep geheel andere drijfveren heeft dan de huidige hbo-instromers, waaronder ook de vwo’ers die nu al voor het hbo opteren. Zo scoren vwo’ers die nu voor wetenschappelijk onderwijs kiezen veel hoger op het anker Uitdaging dan vwo’ers die nu al naar het hbo gaan. Wie als hogeschool te ver doorschiet in het realiseren van een leeromgeving die beantwoordt aan de drijfveren van vwo’ers met in eerste aanleg een belangstelling voor het wetenschappelijk onderwijs, loopt het risico van academisering.

Differentiëren

Het NSKO laat ook zien dat aan de belangstelling voor verwante sectoren in hbo en wo verschillende drijfveren ten grondslag liggen. Het is interessant om bijvoorbeeld naar de sector Techniek te kijken, omdat er al jaren campagnes zijn om de belangstelling voor deze sector te vergroten. Dit onderzoek wijst uit dat studenten met belangstelling voor hbo Techniek vooral gedreven worden door de ankers Uitdaging, Management en Ondernemen. Bij de universitaire pendant is dat vooral (en nog meer uitgesproken dan in het hbo) het anker Ondernemen. De andere twee genoemde ankers zijn aanzienlijk minder prominent aanwezig in de fingerprint.

Ook laat het NSKO zien dat sectoren die in bèta-techniekcampagnes in één aanpak worden meegenomen, zoals Landbouw en (in het wo) Natuur, geheel andere fingerprints hebben. Er zijn dus meerdere redenen voor opleidingen en werkveld om in dergelijke campagnes nog meer te differentiëren en specifieke accenten aan te brengen overeenkomstig de specifieke doelgroep. Dit brengt me bij de derde en laatste observatie.

Ketenaanpak

De NSKO-rapportage werpt licht op één fase in het langdurige keuzeproces van jongeren. Een proces dat begint in de eerste levensjaren en tot een eerste afronding komt bij intrede op de arbeidsmarkt. Een complex proces van afstrepen, waarbij jongeren op basis van allerlei informatie hun beeld aanscherpen van een opleiding en/of van een maatschappelijk perspectief dat past bij hun drijfveren. Toch zijn er enkele maanden voor de uiteindelijke studiekeuze vaak nog veel opties over. De grote aantallen uitvallers en overstappers in het eerste jaar van het hoger onderwijs illustreren hoe problematisch het keuzeproces kennelijk is.

Het is al vaker betoogd dat hogescholen en universiteiten hierin een vergaande verantwoordelijkheid dragen, samen met het toeleverend onderwijs en met werkveldpartners. Samen moeten zij één consistente aanpak inzetten voor het voorlichten, het begeleiden én het opleiden van jongeren. Bovendien moeten zij jongeren gezamenlijk een loopbaanperspectief bieden dat past bij wat hen werkelijk drijft, bij hun specifieke fingerprint. Hoe vroeger in de studieloopbaan, hoe beter. Het NSKO-rapport onderstreept het belang van een gedifferentieerde aanpak en biedt heel veel bouwstenen om jongeren daarin goed te bedienen. Winst voor alle partijen.

Meer informatie over het NSKO

Het NSKO is tot stand gekomen door samenwerking tussen Markteffect, Icares en Hobéon. Het onderzoek wordt jaarlijks uitgevoerd om actuele studiekeuzegegevens te verzamelen en daarmee in te kunnen spelen op nieuwe ontwikkelingen.

Wilt u meer informatie over het NSKO 2012 of heeft u vragen over de betekenis van de uitkomsten voor uw instelling? Neemt u dan contact op met de heer ir. A.T. (Fred) de Bruijn via (070) 30 66 800 of f.debruijn@hobeon.nl.