Strenge beoordeling doelmatigheid nieuwe opleidingen hoger onderwijs

Frank Hendriks

8 jaar geleden

In haar eerste jaarverslag staat de CDHO stil bij de adviezen die door haar in de eerste 6 maanden van haar bestaan zijn uitgebracht. Hieruit blijkt dat ongeveer 50% van de aanvragen niet is goedgekeurd. Het verslag bevat tevens een aantal interessante opmerkingen van de Commissie over de praktijk bij de afhandeling van aanvragen.

Veel aanvragen afgewezen

Het jaarverslag heeft betrekking op de periode 1 juli-31 december 2009. In deze periode is de helft van de aanvragen door CDHO is voorzien van een negatief advies. In alle gevallen (zowel positief als negatief) heeft het Ministerie van OCW/LNV een besluit genomen met dezelfde strekking als het CDHO advies. Het relatief hoge aantal negatieve adviezen lijkt te passen bij het restrictieve karakter (sinds 2003) van het beleid op dit terrein. Alleen voor uitbreidingen van het onderwijsaanbod die aansluiten bij nationale beleidsprioriteiten en waarvan de start geen nadelige effecten met zich meebrengen voor het bestaande onderwijsaanbod wordt nog toestemming verleend. Opmerkelijk is overigens dat nieuwe initiatieven in het WO beter lijken te ’scoren’ dan in het HBO.

Instroom en arbeidsmarkt gegevens

Uit ervaring weten wij dat CDHO veel waarde hecht aan de vraag of een nieuwe opleiding voldoende instroom- en arbeidsmarktpotentieel heeft. Uit het jaarverslag valt op te maken dat CDHO kennelijk vaak moeite heeft met vinden van bruikbare arbeidsmarktgegevens voor het beoordelen van nieuwe opleidingen. Algemeen beschikbare gegevens blijken veelal niet toereikend te zijn. Hobéon herkent dit en heeft op dit vlak veel expertise. Wij voeren regelmatig arbeidsmarktonderzoeken voor onze klanten uit, gericht op de afstemming van een specifieke opleiding op de toekomstige behoefte van de betreffende arbeidsmarkt en zonodig ook de kwantitatieve behoefte validerend. Zo wordt door Hobéon tevens geadviseerd over de aansluiting van de opleiding op de behoefte en capaciteiten van de potentiële studenten en wordt zonodig tevens het kwantitatieve instroompotentieel in kaart gebracht, in samenwerking met een daarin gespecialiseerd marktonderzoeksbureau zoals Markteffect.

Openbaarheid adviezen

De inhoud van het CDHO advies wordt niet terstond openbaar gemaakt. Het advies wordt pas (en uitsluitend) kenbaar gemaakt aan de aanvrager, de koepels en DUO Groningen met het besluit van de minister. Het advies (en het besluit van de minister) worden derhalve slechts in zeer beperkte kring uiteindelijk openbaar gemaakt. Wel geheel openbaar en via de website van CDHO in te zien is een overzicht van in behandeling zijnde aanvragen en uitgebrachte adviezen.

In het jaarverslag wordt hierover opgemerkt:

Omdat de adviezen van de commissie informatie over haar beleidsopvatting kan bevatting die waardevol kan zijn voor het veld, hecht de commissie aan het achteraf openbaar maken van haar adviezen en de besluiten van de minister. De commissie heeft het openbaar maken daarom geagendeerd in het Periodiek Overleg met OCW en LNV.

Het zou een goede zaak zijn indien deze adviezen (en besluiten van de minister) inderdaad openbaar en voor eenieder toegankelijk worden gepubliceerd. Er bestaat, zeker nu de voornemens voor nieuwe opleidingen wel openbaar zijn, weinig reden dit niet te doen. Daarenboven kunnen belanghebbenden ook via een zogenaamde WOB-procedure de besluiten opvragen. Dit is in het verleden met succes gedaan door Hobéon en zal desnoods, in het belang van de dienstverlening aan onze klanten, wederom geschieden.

Inhoudelijke opmerkingen over invulling voorwaarden beleidsregel

Door CDHO wordt in het jaarverslag 2009 gewezen op het feit dat de sinds 2009 van kracht zijnde beleidsregel op “een aantal significante punten aanzienlijk is gewijzigd”. Hoewel deze conclusie voor de goed in de beleidsregel ingevoerden niet verrassend is, komt mij voor dat het een goede zaak is dat hier aandacht voor wordt gevraagd. In het jaarverslag gaat de CDHO dan ook nader in op een aantal wijzigingen.

Aandacht wordt bijvoorbeeld geschonken aan de aanscherping van voorwaarde a. Uit het jaarverslag valt op te maken dat er nauwelijks opleidingen op grond van deze voorwaarde worden goedgekeurd. CDHO lijkt wel haast instellingen op te roepen geen beroep op deze voorwaarde te doen. Ook wordt stilgestaan bij de nieuwe invulling van voorwaarde c.  Volgens CDHO is deze voorwaarde alleen van toepassing op de landsdelen Zeeland en Flevoland. Een overigens opmerkelijke uitspraak, daar OCW zich naar mijn weten op een ander standpunt stelt.

Gelet op het feit dat de Eerste Kamer het wetsvoorstel versterking besturing heeft aangenomen, worden instellingen binnenkort ook wettelijk verplicht om afstemmingsoverleg te voeren. In het jaarverslag legt de CDHO uit waarom zij ook nu reeds instellingen poogt te bewegen zulks een overleg te voeren. Over de wijze waarop het overleg moet worden ingericht is een brief gericht aan alle instellingen verschenen. CDHO wijst er in het jaarverslag op dat een restrictieve uitleg, waarbij alleen overleg wordt gevoerd met naamsgelijke opleidingen, niet in lijn is met de beleidsregel.

Interessant tot slot zijn een aantal concrete casus die de CDHO aanstipt. Het gaat daarbij initiatieven voor nieuwe opleidingen (zoals toegepaste psychologie in het HBO) die zijn voorzien van een CDHO advies. In de betreffende adviezen zijn opmerkingen gemaakt die verder reiken dan enkel het advies in kwestie en gevolgen hebben op ontwikkeling van nieuw opleidingenaanbod binnen het betreffende domein.

Vragen?

Heeft u naar aanleiding van deze bijdrage vragen? Of bent u geïnteresseerd in de vraag wat Hobéon op dit vlak voor u of uw instelling kan betekenen? Neem dan contact op mr. Frank Hendriks via (070) 30 66 800 of f.hendriks@hobeon.nl. Voor de inzet van onze expertise bij de ontwikkeling of herpositionering van uw opleidingenaanbod kunt u ook contact opnemen met Conny Ouwerkerk, bereikbaar via (070) 30 66 800 of c.ouwerkerk@hobeon.nl.

Bekijk alle blogberichten