Examencommissies: vertrouwen, maar geen gemakzucht

Bob Schakenbos

1 maand geleden

In maart publiceerde de Vereniging Hogescholen een vernieuwde handreiking Examencommissies. Deze vernieuwde handreiking volgt de eerdere edities uit 2011 en 2015 op en ondersteunt examencommissies bij het blijvend versterken van hun functioneren en het invullen van hun rol. In dit weblog kijken we naar ‘de rol van examencommissies’ en hoe wij dit als Hobéon soms ervaren in onze accreditatiepraktijk.

Wat is dan rol van examencommissies?

De Vereniging Hogescholen beschrijft deze rol in het voorwoord van de vernieuwde handreiking als volgt: “Zichtbaar goed functioneren, verantwoording afleggen, herkenbare deskundigheid en onafhankelijk opereren zorgen voor vertrouwen in de examencommissies. Dat vertrouwen is belangrijk, want de examencommissies zijn de ‘poortwachters van de diplomakwaliteit’.” Los van deze inhoudelijke rolbeschrijving zou je het functioneren van examencommissies ook als volgt kunnen positioneren: ‘Examencommissies in het hoger onderwijs hebben een centrale rol in de borging van toetsing en examinering in het hoger onderwijs. Leden van de examencommissies worden geacht op de hoogte te zijn van de toepasselijke wetgeving in het hoger onderwijs, zoals de WHW (de wet op het hoger en wetenschappelijk onderwijs), maar ook de uitspraken van het centrale rechtscollege, het CBHO (College van Beroep voor het Hoger Onderwijs).’[1]

Complex?

“Gewoon je boerenverstand gebruiken”, aldus één van de panelvoorzitters waar we mee samenwerken. In de jarenlange ervaring die wij bij het uitvoeren van accreditatietrajecten in het hoger onderwijs hebben opgebouwd, constateren wij -net als de Vereniging Hogescholen- dat de kwaliteit van het functioneren van examencommissies op veel plekken is verbeterd.
Althans, zo lijkt het vaak op papier. Wij constateren helaas dat de werkelijkheid soms iets genuanceerder ligt. Naast het gebruiken van het boerenverstand, gaat het in onze optiek ook over het vraagstuk ‘doe je wat je zegt en zeg je wat je doet’ om de papieren werkelijkheid functioneel te maken.

De ontwikkeling die de Vereniging Hogescholen schetst kun je parallel trekken aan de ontwikkeling die zichtbaar is in de beoordelingskaders van de NVAO, waarin steeds meer wordt uitgegaan van ‘vertrouwen’.  Gelet op waar we vandaan komen en waar we heden ten dage staan, is dat vertrouwen misschien wel terecht. Het systeem van vertrouwen werkt alleen als alle betrokken partijen vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid kundig en professioneel handelen.  

Blijvend investeren

Gelukkig beseffen steeds meer opleidingen/instellingen dat het belangrijk is om te blijven investeren in de kwaliteit en werking van de examencommissies. Dat kan onder meer door deelname aan professionaliseringsactiviteiten. Zo verzorgen wij bijvoorbeeld trainingen en masterclasses voor examencommissies over wet- en regelgeving, over de taken, verantwoordelijkheden en positie van de examencommissie en over actuele jurisprudentie (in lijn met de inhoudelijk rolbeschrijving hierboven). We hebben een interactieve workshop ‘bestuurlijke kaart’ ontwikkeld om de examencommissies (maar ook medezeggenschap) verder te professionaliseren. Daarnaast is het raadzaam om individuele examencommissieleden een BKE- en/of SKE-certificering te laten behalen om de kwaliteit verder te borgen. Regelmatig krijgen we feedback in de trant van ‘goed om weer even alles op scherp te zetten’. We vinden het fijn dat we op deze wijze kunnen bijdragen aan een duurzaam en bestendig hoger onderwijs.  

Meer weten?

Wilt u meer weten over de vernieuwde handreiking of heeft u een andere vraag, neem dan contact met ons op via 070 30 66 800 of stuur een e-mail naar: bob.schakenbos@hobeon.com.

 



[1] Prof. mr. P.W.A. Huisman, Juridisch Vademcum Examencommissies Hoger Onderwijs, SDU 2020.

Bekijk alle blogberichten