EVC en persoonscertificering assessoren

Fred de Bruijn

9 jaar geleden

Wat is EVC?

EVC is een systeem om zicht te krijgen op de competenties die mensen in de afgelopen jaren hebben verworven via opleiding, werk of andere activiteiten. Het is als het ware een ‘foto’ van wat die mensen in huis hebben Deze foto is het  ErVaringsCertificaat, voorheen EVC-rapportage geheten. Met het ervaringscertificaat kan iemand bijvoorbeeld naar zijn of haar personeelschef gaan in het kader van hun interne loopbaanplanning, of naar een opleider om afspraken te maken over toelating en eventuele vrijstellingen en maatwerk.

Hoe werkt EVC?

De beoordeling (het EVC-onderzoek) wordt uitgevoerd door een EVC-aanbieder. Deze hanteren instrumenten en procedures om de competenties vast te stellen, om dus een zo goed mogelijke foto te kunnen maken. In 2006 is er een EVC kwaliteitscode ontwikkeld om ervoor te zorgen dat de kwaliteit van EVC-beoordelingen goed is. Procedures en instrumenten moeten betrouwbaar zijn en gebaseerd op goede standaarden. Assessoren (de personen die de beoordeling feitelijk uitvoeren) en begeleiders moeten competent zijn, onpartijdig en onafhankelijk.

Beoordeling van EVC-aanbieders

De kwaliteit van EVC-procedures dient regelmatig te worden geëvalueerd. Instellingen die EVC aanbieden en werken volgens de  EVC kwaliteitscode kunnen in aanmerking komen voor een erkenning.  Wanneer een EVC-aanbieder wordt erkend, kan zij worden opgenomen in het landelijke register van erkende EVC-aanbieders. Wie bij een erkende EVC-aanbieder aanklopt, is daarmee dus verzekerd van een goede kwaliteit en bovendien van een aantal financiële voordelen. Zo zijn bijvoorbeeld gemaakte de kosten voor een EVC-procedure uitgevoerd voor een erkende aanbieder fiscaal aftrekbaar.

Instellingen die willen worden opgenomen in het landelijke register moeten de kwaliteit van de ontwikkelde EVC-procedure en de gebruikte EVC-standaarden laten beoordelen door een beoordelende organisatie. In een beoordelingsrapport maakt deze inzichtelijk in welke mate de objecten van beoordeling voldoen aan de vereisten van (de normtekst bij) de kwaliteitscode EVC.

De beoordelende organisaties zijn opgenomen op de website van het Kenniscentrum EVC. Grofweg kan worden gesteld dat de Inspectie van het Onderwijs de beoordelingen in het mbo voor haar rekening neemt. In het hbo wordt de beoordeling in de regel uitgevoerd door een VBI.  Sinds 2004 beoordeelt Hobéon tal van EVC-aanbieders. De verwachting is dat de beoordeling door de Inspectie van het Onderwijs van EVC aanbieders in het mbo binnenkort zal worden overgenomen door andere beoordelende organisaties, en in het bijzonder de VBI’s. In de nabije toekomst zal Hobéon dus ook de EVC aanpak van ROC’s kunnen beoordelen. Dit najaar vinden op dit vlak de eerste trajecten plaats, waarbij de Inspectie samen met Hobéon Certificering een beoordeling gaat uitvoeren.

Certificering van EVC-assessoren

De beoordeling van de kandidaat is de kern van de EVC-procedure. De bekwaamheid van de EVC-assessor is hierbij sterk bepalend voor de kwaliteit van de foto. Aan de EVC-assessoren worden al met al hoge eisen gesteld, zowel inhoudelijke als op het gebied van assessment.

Om de bekwaamheid van afzonderlijke assessoren zichtbaar te maken voert Hobéon een systeem voor persoonscertificering van EVC-assessoren. Het systeem is overigens ook volledig inzetbaar voor de certificering van assessoren in het regulier onderwijs.

EVC en vrijstellingen: rol van de examencommissie

Een veelgehoord misverstand is dat een EVC procedure leidt tot vrijstellingen, bijvoorbeeld bij opleidingen in het hoger onderwijs. Dit wordt wellicht mede veroorzaakt doordat veel onderwijsaanbieders (ROC’s, hogescholen maar ook commerciele aanbieders) ook EVC procedures aanbieden.

Hoofdregel is dat een EVC-procedure een op zichtzelf staande voorziening is. Met een ervaringscertificaat afgegeven door een EVC-aanbieder opgenomen in het landelijke register kunt u dus in beginsel terecht bij alle onderwijsaanbieders. Indien een EVC-procedure wordt ondergaan met het oogmerk om een opleidingstraject te volgens (bij bijvoorbeeld een hogeschool) dan vindt de procedure plaats  ‘voor de poort’, dus voordat de deelnemer zich heeft ingeschreven.

De vraag of een ervaringscertificaat aanleiding geeft tot het verlenen van een vrijstellingen wordt, althans in het hoger onderwijs, pas na inschrijving bij een instelling beantwoord. Daarbij is een centrale rol toegekend aan de examencommissie. In het wetsvoorstel versterking besturing wordt opgemerkt dat het, gezien het feit dat de examencommissie verantwoordelijk is voor het verlenen van vrijstellingen, op grond van EVC-rapportages of anderszins, voor de hand ligt de examencommissies te betrekken bij de vaststelling van de EVC-beoordelingsstandaarden en het te hanteren EVC-instrumentarium. Achterliggende redenering is, hoe meer vertrouwen de examencommissies hebben in de EVC-rapportage, hoe makkelijker ze op grond daarvan kunnen verklaren welke vrijstellingen verleend zouden kunnen worden.

Deze rol van de examencommissie rond EVC wordt in het voorstel echter niet wettelijk vastgelegd. OCW geeft aan via evaluatie van de EVC-praktijken in het hoger onderwijs in 2010 te bezien of aanvullende wettelijke verankering noodzakelijk is.

‘Eén in EVC’

Elf mbo-scholen en twee hbo-instellingen hebben een kwaliteitsnetwerk opgericht voor EVC- en scholingstrajecten voor werkenden en werkzoekenden.De scholen van het netwerk ‘Eén in EVC’ hebben allemaal ruime ervaring in het aanbieden van EVC-trajecten en aanvullende scholingstrajecten. Ze werken volgens de geldende kwaliteitscodes op dit gebied. Wat hen betreft wordt het kwaliteitsnetwerk snel uitgebreid met alle mbo- en hbo-instellingen.

Bekijk alle blogberichten