Clusterbeoordelingen in het hoger onderwijs

Willem van Raaijen

6 jaar geleden

Alvorens in te gaan op de wijze waarop Hobéon op de nieuwe situatie inspeelt, willen we eerst graag op hoofdlijnen het nieuwe beleid schetsen en daarna zicht geven op ons ‘track record’, want goed beschouwd gaan we in formele zin iets doen wat we al langer deden wanneer klanten daar om vroegen of wanneer wij dat zelf zinvol achtten.

Nieuw beleid

Vanuit het vertrekpunt dat er géén financiële relatie meer mag zijn tussen te beoordelen opleidingen en evaluatiebureaus, wordt de NVAO de formele opdrachtgever voor de beoordelingen en betaalt zij de evaluatiebureaus die op hun beurt de panels betalen. De instellingen betalen de NVAO per cluster op basis van de gecontracteerde financiële condities van het bureau dat de beoordelingen uitvoert. De NVAO overlegt momenteel  met de instellingen over de wijze waarop de clustering tot stand gaat komen, terwijl ook de koepels met voorstellen kunnen komen. De niet-bekostigde opleidingen -van de zogeheten rechtspersonen voor hoger onderwijs-  zullen óók deel uit gaan maken van de clusters.

De omvang van de clusters zal ‘behapbaar’ zijn omdat panelleden in een volledig (deel-) cluster moeten kunnen participeren. De panels blijven overigens benoemd door de NVAO in overleg met de instellingen/opleidingen en het evaluatiebureau voert de panelsamenstelling uit. Voor grote clusters zijn panels met sub-panels mogelijk.

Denkbaar is dat er na de afzonderlijke rapportages op basis waarvan de accreditaties worden verleend nog een generiek clusterrapport verschijnt als een soort meta-beoordeling van een domein. Sommige klanten hebben daar al interesse voor getoond.

Track record

Inmiddels hebben we in de loop der jaren al aardig wat ervaring opgedaan met diverse vormen van clustering, we doen een greep en zetten een paar varianten op een rijtje:

  • een panel van steeds dezelfde voorzitter met een vaste groep panelleden heeft in 2011 zes Werktuigbouwkunde-opleidingen bezocht; deze werkwijze is al eerder voor clusters van opleidingen Bouwkunde en Life Sciences toegepast;
  • een vast team van voorzitters en secretarissen en een pool van panelleden heeft in 2011 zeven Fysiotherapie-opleidingen bezocht waaronder ook masters en commerciële aanbieders (zie artikel in de in februari verschenen Hobéon Special over profilering en positionering);
  • één panel (voorzitter, secretaris, studentlid, werkvelddeskundige, twee vakdeskundigen) heeft in 2011 de vier opleidingen Journalistiek gevisiteerd, waarbij om agendatechnische redenen bij het bezoek aan één van de vier opleidingen een van de vakdeskundigen is vervangen door een collega van hem;
  • in 2010 zijn vijf P&A-/HRM-opleidingen bezocht door een panel met dezelfde secretaris, hetzelfde studentlid en dezelfde vakdeskundige, twee wisselende voorzitters en met wisselende werkvelddeskundigen die de betreffende regio goed kenden;
  • eerder zijn al bij twee hogescholen verschillende opleidingen in het economisch domein binnen zo’n instelling tegelijk beoordeeld, waarbij er een generieke audit was met een kernteam en het panel voor de onderscheiden opleidingen steeds werd aangevuld  met de voor die opleiding benodigde specifieke specialistische kennis;
  • een clusterbeoordeling van verschillende opleidingen in het Social Work-domein van één instelling op diverse locaties;
  • een beoordeling van dezelfde opleiding (CROHO) van verschillende instellingen door hetzelfde panel in verschillende kalenderjaren;
  • vanaf april 2012 wordt een cluster van zes Verpleegkunde-opleidingen beoordeeld door een panelpool van twee voorzitters, twee secretarissen, twee vakdeskundigen en twee werkvelddeskundigen in wisselende samenstellingen;
  • voorjaar en najaar 2012 vinden er Engelstalige clusteraudits van vier IBMS-opleidingen plaats met dezelfde voorzitter en secretaris en zoveel mogelijk (en mogelijk allemaal) dezelfde deskundigen.

Werkwijze Hobéon

Uit bovenstaande blijkt dat er bij de aanpak voor een clusterbenadering desgewenst vele wegen bewandeld kunnen worden en dat we er klaar voor zijn. De ervaring heeft in elk geval geleerd dat begrippen als benchmark en vergelijkbaarheid daadwerkelijk invulling krijgen. Bovendien hebben we gemerkt dat opleidingen die ‘in hetzelfde schuitje zitten’ naar elkaar toegroeien en elkaar veel eerder opzoeken en bereid zijn kennis, kunde en ervaringen te delen.

Hoe het nieuwe systeem precies zal gaan uitpakken, gaan we natuurlijk nog ervaren, maar we kunnen alvast de hoofdlijnen schetsen.

  1. Wat ons betreft blijft overeind de in de praktijk gebleken ijzersterke combinatie van Hobéon-voorzitter-secretaris die de (overall-)regie uitvoert: korte lijnen, directe communicatie en afstemming, rekening houdend met de individuele wensen van een opleiding passend bij de grote lijnen van de clustering. Bovendien bevordert de enorme generieke hbo-kennis van de voorzitter en diens uitgebreide auditervaring de focus van de individuele panelleden en daarmee de focus van de audit.
  2. Wat ook blijft, is de onderlinge afstemming tussen opleidingen/cluster en Hobéon met betrekking tot de samenstelling en voordracht van het auditpanel. De enorme digitale kaartenbak en het netwerk van Hobéon leveren vaak de ontbrekende schakel in een panel of bieden uitkomst in noodgevallen.
  3. Intermediaire rol tussen de opleidingen in een cluster. Zo is het denkbaar dat er in het cluster afspraken worden gemaakt over zowel gezamenlijk te beoordelen thema’s als over zaken die, in verband met een door een opleiding gewenste profilering, een specifieke opleidingsbenadering vergen. De programma’s voor de opleidingsaudits kunnen daardoor in detail van elkaar verschillen.
  4. Hierop aansluitend: desgewenst kunnen we in het auditprogramma een verbinding leggen met de agenda’s van de lectoraten. Hiermee zijn inmiddels al hele positieve ervaringen opgedaan, zoals ook al uit evaluaties is gebleken.
  5. Per cluster kan er worden afgesproken om na de afzonderlijke rapportages -die zo snel mogelijk na een audit afzonderlijk van elkaar worden opgeleverd- een generiek clusterrapport te leveren als meta-beoordeling van een domein.
  6. Combinaties van beperkte en uitgebreide opleidingsbeoordelingen in één cluster behoren zonder problemen tot de mogelijkheden.

Nieuwsgierig geworden naar clustervisitatie of wilt u alvast een verkennend gesprek voeren? Neem via (070) 30 66 800 contact op met Wienke Blomen, Ruud van der Herberg of Willem van Raaijen.

Bekijk alle blogberichten